Home
Get Adobe Flash player
NL | ENG
24 apr 2012

Ander paradigma voor politie ICT?


Aad Meijboom, kwartiermaker voor de Politie ICT, heeft zijn opdracht teruggegeven. Dat is een grote tegenslag, We moeten even de tijd nemen voor reflectie: hoe komt dit en wat doen we verkeer dat dit ons gebeurt? In deze column wordt 1 hypothese voorgesteld, als mogelijke verklaring: de ICT is gebaseerd op een verkeerd paradigma, het paradigma van grote centrale systemen die via blauwdruk denken moeten worden neergezet.

Ander paradigma voor ICT politie?

Aad Meijboom, kwartiermaker ICT, heeft zijn opdracht teruggegeven. Daar zullen veel oorzaken achter zitten. Ik heb 1 verklarende hypothese: ze gebruiken het verkeerde paradigma.

15 jaar plannen
De precieze redenen van zijn terugtreden zijn niet bekend, maar een aantal maanden geleden heb ik de plannen mogen zien, net zoals ik de plannen vanaf halverwege de jaren negentig heb gezien. Tot twee keer toe is, elke keer in drie tot vier jaar tijd, gewerkt aan een nationale ict-architectuur, daarna is een centrale ICT organisatie opgezet, en ook daar zijn al weer twee tot drie rondes van plannenmakerij geweest. Kort door de bocht geformuleerd, kan ik niets anders zeggen dan dat er na zeker vijftien jaar plannen, en vele honderden miljoenen, nauwelijks iets fatsoenlijks is opgeleverd. En met fatsoenlijk bedoel ik dan: spullen waar de diender op straat beter van wordt, waarvan oplossingspercentages en pakkansen omhoog zijn gegaan, en administratieve lasten omlaag. Natuurlijk zijn er pluspunten, zoals dalende criminaliteitscijfers en betere boeteafhandeling. Maar beide zijn niet het gevolg van politie-ict verbeteringen. Het eerste komt door het plegen van veel, gerichte inzet. Het tweede door de wet mulder, het rdw kentekenregister en het cjib.

Nu Aad Meijboom terugtreedt, hetgeen eigenlijk de zoveelste teleurstelling qua Politie ICT inhoudt, moeten we even pas op de plaats maken. Met elkaar reflecteren over de oorzaak hiervan. De ‘sterke man’ theorie (‘als we er een sterke man op zetten, gaat het nu wel lukken’) lijkt mij steeds minder plausibel. Als ervaren ‘stuurman aan wal’ zou ik liever voor een andere hypothese kiezen. Het is een hypothese, en ik ga graag met anderen hierover in discussie, maar ik geef mijn hypothese nu al vast:

Infrastructuur leidt zwaar in oorlogssituaties
Infrastructuur leidt zwaar onder oorlogsomstandigheden. Kijk maar naar oorlogsgebieden: de infrastructuur wordt vaak aan flarden geschoten. En investeren in infrastructuur, tijdens de oorlog, is geen verstandige keuze. Nu is er niet direct oorlog in de politie-organisatie, maar vrede is het ook niet bepaald. Er is een al jaren durende spanning tussen centraal en decentraal. Door de wanprestaties aan ICT van de laatste 15 jaar, is de ICT gecentraliseerd. Maar is dat het goede antwoord? In welke boekjes vinden we deze wijsheid? Welke grootschalige ICT projecten heeft BZK succesvol afgerond, de laatste 20 jaar? De paspoort affaire, het GMS, C2000, ze zijn alle niet bekend om hun topprestaties qua ICT.

Centraliseren en een sterke man er op, of in dit geval een sterk team, want Meijboom was onderdeel van een topteam, gaat de oplossing niet brengen. Daarvoor is er teveel wantrouwen tussen centraal en decentraal, maar dat is niet de enige spanning die er heerst. De afstand tussen ICT en de diender is ook veel te groot. In het jargon heet dat alignment. De ICT van de politie wordt vooral ingericht door de staf-afdelingen, niet door de werkvloer. De stafafdelingen zijn alle gericht op control, en die control stoppen ze dus in de ICT-systemen. Je wordt als gewone diender gek van de bureaucratie, en die bureaucratie druipt uit de systemen. Het zijn geen dienende systemen, het zijn controle systemen.

Verkeerd paradigma
Het paradigma, waarop de ICT van de politie is gebaseerd, lijkt verkeerd. Twee symptomen van dat verkeerde paradigma tonen zich aan ons. Ten eerste wil men streven naar 1 centraal systeem. In sectoren waar weinig wederzijds vertrouwen is, werken benaderingen waar verschillende systemen naast elkaar bestaan, maar waar gegevens worden uitgewisseld, wel goed. Politicologisch noem je deze benadering: reductie van conflict potentieel. Door je te concentreren op de gegevensuitwisseling, en iedereen zijn eigen systeem te laten houden krijg je veel minder conflicten in je project-organisatie. De meesten zullen roepen dat dat ten koste van de efficiency gaat. Maar als je na 15 jaar investeren nog steeds niks draaiend hebt, kan je amper spreken van efficiency. En bovendien, efficiency is hier niet het eerste probleem, effectiviteit is veel belangrijker. Als er drie concurrerende systemen draaien, die wel worden geaccepteerd, dan kost dat (vanaf tekentafel van de stafafdeling boekhouding geredeneerd) wellicht wat extra geld, maar omdat elke diender tenminste met een werkend systeem werkt, verdien je dat verlies aan efficiency meer dan dubbel terug. Efficiency is een staf-argument, effectiviteit is de behoefte van de diender.

Ten tweede zie je de ‘dictatuur van de architectuur’ terug in de politie ICT. De plannen die gemaakt zijn, zijn geweldig. Vele honderden pagina’s! Het ene plaatje nog mooier dan het andere plaatje. Maar het is volledig blauwdruk denken. Geeft ons vijf jaar, dan bouwen we alles, en dan gaat u het zien! De diender op de straat heeft andere behoeftes, dringender. Hij of zij kan je zo een irritatie top vijf geven: onhandige procedures die onnoemelijk veel tijd kosten en eigenlijk geen toegevoegde waarde hebben. Bijvoorbeeld het registreren van getuige foto’s. Lullig dingetje wellicht, maar zeker met al die mobieltjes van tegenwoordig, komen er erg veel foto’s binnen. En het systeem waarmee dat geboekt moet worden is omslachtig. Dit is maar 1 voorbeeld, er zijn er tientallen.

Maak het klein, richt je op stukjes functionaliteit en op gegevensuitwisseling
Mijn suggestie is vrij simpel: ga nu eens met kleine ICT-teams aan de slag om 10 top-irritaties (qua onhandigheid, bureaucratie, etc.) op te lossen. Als je dat combineert met concentratie op gegevensuitwisseling (middels een kruispuntbank) heb je je handen al voor een paar jaar vol. Maar elke stap die je dan zet, levert aantoonbaar voordeel op op straat. En dat is waar het om gaat. Het is maar een hypothese, waar wellicht toch de moeite van het overwegen waard.



Print deze pagina linkedin facebook twitter

Kort geleden schreef ik een column op de Kafkasite over een bizarre ervaring met een Amsterdamse parkeergarage. Jos Maessen, de directeur dienstverlening, heeft hier snel en sportief op gereageerd. Complimenten aan de gemeente Amsterdam. Ik hoop dat lezers hiervan leren dat zijzelf ook 'Kafkabrigadier' kunnen zijn en dat zij andere overheidsorganisaties kunnen helpen hun dienstverlening te verbeteren.
.