Ideaal type bureaucratie is geen ideaal
Bestuurskundigen denken dat Weber voorstander was van de rationeel legale bureaucratie. Zij vergissen zich lelijk. Het woordje ideaal type wordt bijna altijd verkeerd gebruikt. Hij noemt het een Ideal Typus, vertaald met ideaal type. Maar het duitse Ideal verwijst naar de ideeën wereld. Een ideaal type is een gedachte constructie. Niet een nastrevenswaardig ideaal.
Bureaucratie als ideaal type is niet hetzelfde als een ideaal
Bestuurskundigen denken dat Weber voorstander was van de rationeel legale bureaucratie. Zij vergissen zich lelijk. Het woordje ideaal type wordt bijna altijd verkeerd gebruikt. Hij noemt het een Ideal Typus, vertaald met ideaal type. Maar het duitse Ideal verwijst naar de ideeën wereld. Een ideaal type is een gedachte constructie. Niet een nastrevenswaardig ideaal. Het ideaal type is goed te vergelijken met een regressie-lijn, die een puntenwolk van twee gecorreleerde verschijnselen samenvat in 1 rechte lijn, met een bepaalde stijgingscoëfficiënt.
Denkcategorie
Waar het Weber om gaat met het ideaal type is een denkcategorie, waarmee hij ontwikkelingen kan duiden. De bureaucratie is een verschijnsel dat past bij het oprukkende rationaliseringsproces, ook wel de ‘onttovering van de wereld’ genoemd. Als onderdeel van dat proces gaan we organisaties ook rationaliseren, zowel qua inrichting als qua werkwijze, als qua sturing. Daar hoort centralisatie, hiërarchisering, formalisering, standaardisering en specialisering bij, de vijf kenmerken van een bureaucratische structuur.
Wat Weber er persoonlijk van vond, doet voor de wetenschapper Weber niet ter zake. Hij registreert en ontwerpt constructies om die veelzijdige registraties (de puntenwolk) tot de kern terug te brengen. Zo komt hij aan een ideaal type. We kunnen dus, door bestudering van honderden massamoordenaars, ook een ideaal type massamoordenaar maken, of een ideaal type concentratie kamp. Dat zijn bepaald geen idealen, zou ik persoonlijk zeggen. We maken zo’n ideaal type als we een bepaalde ontwikkeling willen duiden. In een onderzoek naar het opkomend nazisme zou een dergelijke constructie wellicht kunnen helpen om de ontwikkelingen in die periode te begrijpen. Weber is beoefenaar van de ‘hermeneutiek’, hij wil ‘deutend Verstehen’.
Veel wetenschappers bestuderen alleen wat ze mooi vinden, of fijn vinden. Die ‘bias’ maakt dat studenten een te idealistisch beeld van de werkelijkheid hebben. Weber gelooft niet in waarde-vrij onderzoek (elke vraag die je stelt is al een politieke keuze, je had ook een andere vraag kunnen gaan beantwoorden). Maar wel in waarderingsvrij onderzoek: het buiten haakjes zetten van je eigen voor-onderstellingen ten tijde van de verrichting van het onderzoek.
Tot slot een mooi citaat, om te laten zien dat Weber bepaald niet een voorstander was van die bureaucratie: hij verzucht in Wirtschaft und Gesellschaft (836):
"Angesichts der Grundtatsache des unaufhaltsamen Vormarsches der Bürokratisierung kann die Frage nach den künfigten politischen Organisationsformen überhaupt nur so gestellt werden: I. Wie ist es angesichts dieser Übermacht der Tendenz zur Bürokratisierung überhaupt noch möglich, irgendwelche Reste einer in irgendeinen Sinn "individualistischen" Bewegungsfreiheit zuretten? Denn schliesslich ist es eine gröbliche Selbsttäuschung zu glauben, ohne diese Errungenschaften aus der Zeit der "Menschenrechte" vermöchten wir heute - auch der Konservativste unter uns - überhaupt (als Menschen) zu leben."
